Dupuytren: symptomen, behandeling en wanneer gebruik je een spalk?

Hand met kromstand van de vingers bij de ziekte van Dupuytren

Merk je een harde knobbel of streng in je handpalm en lukt het steeds minder goed om één of meerdere vingers volledig te strekken? Dan kan er sprake zijn van de ziekte van Dupuytren.

Bij Dupuytren verandert het bindweefsel in de handpalm. Er kunnen knobbels en strengen ontstaan die na verloop van tijd korter worden. Hierdoor kunnen vooral de ringvinger en pink steeds verder richting de handpalm trekken.

Niet iedereen met Dupuytren krijgt uiteindelijk kromme vingers en de snelheid waarmee de aandoening verandert verschilt sterk per persoon.

In deze blog leg ik uit wat Dupuytren is, wanneer behandeling nodig kan zijn en wat de rol van oefeningen en een spalk daadwerkelijk is.


In deze blog

Wat is Dupuytren?

Bij de ziekte van Dupuytren verandert het bindweefsel direct onder de huid van de handpalm.

In het begin kun je bijvoorbeeld een hard knobbeltje voelen. Later kunnen dikkere strengen ontstaan die vanuit de handpalm richting de vingers lopen.

Deze strengen kunnen langzaam korter worden. Daardoor lukt het steeds minder goed om een vinger volledig te strekken.

Dit noemen we een contractuur van Dupuytren.

Handpalm met gebogen ringvinger ter illustratie van de ziekte van Dupuytren




Hoe herken je Dupuytren?

De aandoening begint meestal geleidelijk.

Je kunt bijvoorbeeld merken dat:

  • er een harde knobbel in de handpalm ontstaat;
  • er een verdikte streng in de hand voelbaar wordt;
  • de huid plaatselijk wat ingetrokken lijkt;
  • één of meerdere vingers moeilijker volledig strekken;
  • je je hand steeds minder goed plat op tafel kunt leggen;
  • dagelijkse handelingen lastiger worden.

De ringvinger en pink zijn relatief vaak betrokken. Dupuytren kan in één hand voorkomen, maar ook in beide handen.


Waardoor ontstaat Dupuytren?

De precieze oorzaak is niet bekend.

Wel zien we dat Dupuytren vaker voorkomt:

  • bij mensen ouder dan ongeveer 50 jaar;
  • bij mannen;
  • wanneer Dupuytren in de familie voorkomt;
  • bij mensen met bepaalde andere bindweefselaandoeningen;
  • bij mensen met diabetes;
  • en volgens verschillende bronnen vaker bij roken en veel alcoholgebruik.

Je hebt Dupuytren dus niet simpelweg gekregen doordat je de hand verkeerd hebt gebruikt.


Wordt Dupuytren altijd erger?

Nee.

Bij sommige mensen blijven de knobbels en strengen jarenlang ongeveer hetzelfde. Bij anderen worden de vingers langzaam steeds krommer.

Vooraf is moeilijk te voorspellen hoe snel dat proces zal verlopen.

Daarom hoeft iemand met alleen een klein knobbeltje en een normale handfunctie ook niet automatisch behandeld te worden.


Kun je Dupuytren zelf wegmasseren of wegtrainen?

Nee.

Dat vind ik belangrijk om duidelijk te zeggen.

Er is geen bewijs dat:

  • massage;
  • rekoefeningen;
  • een crème of olie;
  • fysiotherapie;
  • of routinematig een spalk dragen

de ziekte van Dupuytren tegenhoudt of de bindweefselstrengen laat verdwijnen.

Dat betekent niet dat bewegen nutteloos is.

Je wilt de hand natuurlijk blijven gebruiken en na een behandeling kan oefentherapie juist belangrijk zijn. Maar oefeningen maken de onderliggende Dupuytren niet ongedaan.


Wanneer moet je naar de huisarts?

Een heel praktische test is om je hand met de handpalm naar beneden plat op tafel te leggen.

Lukt dat niet meer doordat één of meerdere vingers omhoog blijven staan? Of merk je dat de kromstand duidelijk toeneemt?

Dan is het verstandig om dit te laten beoordelen.

Neem ook contact op wanneer:

  • je vingers steeds krommer worden;
  • grijpen of vasthouden moeilijker wordt;
  • je problemen krijgt met werk of dagelijkse activiteiten;
  • je pijn hebt;
  • de situatie relatief snel verandert.

De huisarts kan je indien nodig verwijzen naar een handchirurg.


Wanneer wordt Dupuytren behandeld?

Niet iedereen heeft behandeling nodig.

Wanneer je hand nog goed functioneert en je weinig beperkingen hebt, kan afwachten passend zijn.

Worden de vingers duidelijk krommer en krijg je problemen met het gebruik van je hand, dan kan een specialist behandeling bespreken.

Er zijn verschillende mogelijkheden.

Naaldfasciotomie

Hierbij maakt een arts de verdikte streng met een naald op meerdere plaatsen los.

Voordeel hiervan is dat het een relatief kleine ingreep is en het herstel meestal sneller verloopt.

De kromstand kan na deze behandeling wel opnieuw ontstaan.

Operatie

Bij een fasciectomie wordt een deel van het aangedane bindweefsel verwijderd.

Het herstel duurt langer, maar de kans dat de contractuur snel terugkomt is over het algemeen lager dan na een naaldbehandeling. Dupuytren kan ook na een operatie uiteindelijk weer terugkomen.


Heeft fysiotherapie zin bij Dupuytren?

Voor het stoppen van Dupuytren zelf is fysiotherapie niet bewezen effectief.

Na een operatie of andere behandeling ligt dat anders.

Dan kan handtherapie bijvoorbeeld gericht zijn op:

  • het terugkrijgen van beweeglijkheid;
  • buigen en strekken van de vingers;
  • peesglijoefeningen;
  • verminderen van zwelling;
  • littekenbehandeling;
  • opbouwen van kracht;
  • herstellen van dagelijkse handfunctie.

De Nederlandse richtlijn adviseert na een operatie oefentherapie en noemt meestal een start rond 3 tot 5 dagen na de operatie, afhankelijk van wondgenezing en het behandelplan.


Kan een spalk helpen bij Dupuytren?

Hier zit een belangrijke nuance.

Een spalk kan een vinger mechanisch in een meer gestrekte positie houden zolang je de spalk draagt.

Maar een spalk:

geneest Dupuytren niet
en
is niet aangetoond als methode om de ziekte standaard tegen te houden.

Daarom zou ik bij iemand die nog nooit behandeld is niet zeggen:

“Draag deze brace en dan voorkom je dat je vingers krommer worden.”

Dat kunnen we niet onderbouwen.

Een spalk kan wel worden gebruikt wanneer er een specifieke reden is om de vingers tijdelijk richting strekking te ondersteunen, bijvoorbeeld binnen een behandelplan van een handtherapeut of na een ingreep.

Dupuytren brace gedragen voor ondersteuning van hand en vingers in meer gestrekte positie

Een of meerdere vingers ondersteunen

Niet iedere vinger hoeft bij Dupuytren even sterk aangedaan te zijn.

Daarom is het handig wanneer een spalk afzonderlijk kan worden ingesteld.

De Dupuytren Brace van Fysio Essentials heeft vier verstelbare klittenbandsluitingen.

Je kunt daardoor:

  • één vinger ondersteunen;
  • meerdere vingers tegelijkertijd ondersteunen;
  • iedere vinger afzonderlijk instellen;
  • de hoeveelheid ondersteuning zelf aanpassen.

De brace loopt vanuit de pols over de hand richting de vingers, waardoor je een stevige basis hebt voor de gekozen vinger(s).

Bekijk de Dupuytren Brace →

Twijfel je of je klacht wel bij Dupuytren past of welk type vingerspalk bedoeld is voor andere vingerklachten? Bekijk dan ook de keuzehulp voor vingersplints.


Welke maat Dupuytren brace heb je nodig?

Meet de lengte van je hand aan de binnenzijde van de hand.

Begin bij de eerste duidelijke polsplooi direct onder de handpalm en meet in een rechte lijn tot aan het puntje van de middelvinger.

Houd je hand ontspannen en gestrekt.

Maat Handlengte
S/M tot ongeveer 18,5 cm
L/XL vanaf ongeveer 18,5 cm

Zit je precies rond de grens? Kies dan bij voorkeur een maat groter.

Door de verstelbare banden kan de brace behoorlijk worden aangepast.

Let daarnaast op dat je de juiste zijde kiest:

Links of rechts.


Hoe strak moet de brace zitten?

De vingers mogen ondersteund worden richting strekking, maar de brace hoeft niet zo strak mogelijk.

Controleer de hand regelmatig.

Maak de banden losser of verwijder de brace wanneer je merkt dat je:

  • tintelingen krijgt;
  • minder gevoel krijgt;
  • koude vingers krijgt;
  • witte of blauwe verkleuring ziet;
  • duidelijke drukplekken krijgt;
  • meer pijn krijgt.

Comfort en een goede pasvorm zijn belangrijker dan zoveel mogelijk trekkracht.


Moet je na een Dupuytren-operatie altijd een nachtspalk dragen?

Nee.

Dit is een belangrijk verschil met wat vroeger vaker werd gedaan.

De Nederlandse richtlijn adviseert een spalk na een Dupuytren-operatie niet standaard voor iedere patiënt.

Een nachtspalk kan wel worden overwogen in geselecteerde situaties, bijvoorbeeld:

  • bij een blijvende gewrichtscontractuur;
  • na bepaalde aanvullende gewrichtsbehandelingen;
  • wanneer de mogelijkheid om de vinger te strekken opnieuw achteruitgaat.

Wanneer postoperatieve spalktherapie wél wordt toegepast, adviseert de richtlijn weinig redressiekracht. Een nachtspalk kan dan gedurende ongeveer 6 tot 24 weken worden gebruikt, afhankelijk van de situatie.

Volg na een operatie daarom altijd het advies van je chirurg of handtherapeut.


Wanneer begin je na een operatie met bewegen?

Bewegen is juist een belangrijk onderdeel van het herstel.

Thuisarts beschrijft dat na het verwijderen van aangedaan bindweefsel vaak na ongeveer 3 tot 5 dagen met begeleiding en oefeningen wordt begonnen. De oefeningen worden vervolgens meerdere keren per dag uitgevoerd.

Daarbij kan gewerkt worden aan:

  • vingers buigen;
  • vingers strekken;
  • peesglijden;
  • handfunctie;
  • later ook kracht.

Hoe snel je dit opbouwt, wordt afgestemd op de wond en de operatie.


Kan Dupuytren na behandeling terugkomen?

Ja.

Een behandeling kan de kromstand verminderen en de handfunctie verbeteren, maar verandert niet de aanleg om Dupuytren te ontwikkelen.

Nieuwe strengen kunnen ontstaan en bestaande klachten kunnen in de loop van de jaren opnieuw toenemen.

Dat betekent niet automatisch dat iedere behandeling opnieuw nodig is.

De belangrijkste vraag blijft:

hoeveel invloed heeft de Dupuytren op het gebruik van je hand?


Advies van de fysiotherapeut

Bij Dupuytren zou ik niet alleen kijken naar hoe de hand eruitziet.

Veel belangrijker is:

wat kun je nog met de hand?

Kun je je vingers nog goed gebruiken, kun je de hand plat neerleggen en ervaar je nauwelijks beperkingen? Dan is behandeling vaak nog niet direct nodig.

Wordt de kromstand steeds groter en begint dat bijvoorbeeld grijpen, wassen, sporten of werken te beperken? Laat de hand dan beoordelen.

Een brace kan de vingers tijdens het dragen in een meer gestrekte positie ondersteunen, maar behandelt het veranderde bindweefsel niet.

Gebruik hem daarom als hulpmiddel wanneer dat past bij jouw situatie, en na een behandeling volgens het advies van je handchirurg of handtherapeut.

Twijfel je over de maat of pasvorm? Stuur gerust een bericht. Ik kijk als fysiotherapeut graag even met je mee.

Tristan Peters
Fysiotherapeut | Fysio Essentials


Veelgestelde vragen

Is Dupuytren hetzelfde als een triggerfinger?

Nee.

Bij Dupuytren verandert het bindweefsel in de handpalm waardoor de vinger geleidelijk krom kan trekken.

Bij een triggerfinger loopt de buigpees minder soepel door de peesschede, waardoor de vinger bijvoorbeeld kan haken of vastschieten.

Welke vingers worden het vaakst getroffen?

Vooral de ringvinger en pink worden vaak aangedaan. Ook andere vingers kunnen betrokken zijn.

Kan ik Dupuytren wegmasseren?

Nee. Er is geen bewijs dat massage de bindweefselstrengen laat verdwijnen of voorkomt dat Dupuytren verder ontwikkelt.

Helpt een spalk om Dupuytren te stoppen?

Dat is niet aangetoond. Een spalk kan de vinger tijdens het dragen ondersteunen richting strekking, maar behandelt de aandoening zelf niet.

Wanneer is een operatie nodig?

Dat hangt vooral af van de kromstand en hoeveel beperkingen je hierdoor hebt. Wanneer je vingers steeds krommer worden en dagelijkse handelingen moeilijker worden, kan verwijzing naar een handchirurg passend zijn.

Moet ik na een operatie altijd een spalk dragen?

Nee. De Nederlandse richtlijn adviseert postoperatieve spalktherapie niet routinematig. In specifieke situaties kan een nachtspalk wel worden geadviseerd.

Kan Dupuytren terugkomen?

Ja. Ook na een behandeling kunnen in de loop van de tijd opnieuw knobbels, strengen of kromstand ontstaan.

Terug naar blog